De meest bijzondere ‘lekkernijen’ ter wereld

Elk land kent zijn eigen delicatessen, de een (voor ons) nog vreemder dan de ander. Tijdens een vakantie in een ander land biedt zich vaak genoeg de mogelijkheid aan eens buiten de comfortzone te stappen qua eten. Maak in dit artikel kennis met de meest bijzondere ‘lekkernijen’ ter wereld, die je sowieso moet proeven wanneer je in het desbetreffende land bent. Of het lekker is laat ik aan jou, maar een ervaring is het zeker! Bon appetit!

Casu Marzu
Balut (Filipijnen, Cambodja en Vietnam)
Ik denk dat de meeste mensen al walgen van het idee om een embryo te eten, toch is dit een delicatesse in Zuidoost-Azië. Balut is een gestoomd bevrucht kippen- of eendenei dat bijna ontwikkeld is. Zo’n ei wordt ongeveer twee weken na de bevruchting gestoomd en wordt gegeten als een gewoon gekook ei, vaak met alleen een beetje zout. De botten, snavel en nagels van een embryo zijn nog niet aanwezig, waardoor het gemakkelijk gegeten kan worden. Balut wordt gegeten omdat het de geslachtsdrift zou opwekken, zou jij dit eten?

Casu Marzu (Italië)
Twee woorden: kaas en larven. Casu Marzu, dat rotte kaas betekent, is een Sardijnse ongepasteuriseerde schapenkaas. Men laat deze kaas rijpen tot er larven van de kaasvlieg in ontstaan. Deze larven breken dankzij hun enzymen de zuren in de kaas af, wat zorgt voor een zachte smaak. Vaker worden zulke processen gebruikt, maar het bijzondere aan Casu Marzu is dat de kaas geserveerd wordt met de larven er nog in. De echte kaasliefhebber eet de kaas met larf en al. Pas op, blijkbaar kunnen de larven springen en wordt geadviseerd je ogen te sluiten wanneer je een hap neemt.

Hakarl (IJsland)
Hakarl staat bekend om zijn penetrante geur, het is namelijk verrot haaienvlees. Hoewel het niet lekker klinkt en verschrikkelijk ruikt, is het een delicatesse in IJsland en wordt het eten van hakarl geassocieerd met kracht en moed. De bereidingswijze van Hakarl is nog vreemder dan zijn geur: het vlees zonder ingewanden wordt in de grond gestopt en afgedekt met zand en grind, waar het zo’n drie maanden blijft liggen. Vervolgens wordt het vlees een aantal weken gedroogd, waarna het gegeten kan worden. Men zegt dat de smaak niet zo heftig is als de geur en dat je het echt moet proeven. Wegspoelen mag je doen met een traditionele jenever, welverdiend na zo’n hapje denk ik.

Dansende rijstkom (Japan)

Dit gerecht is misschien wel de meest bijzondere ervaring die je kan op doen. De rijstkom bestaat uit visseneieren, groenten, rijst en een octopus. Het gerecht wordt overgoten met sojasaus en vanaf hier wordt het bizar. Hoewel de octopus onthoofd is, begint de octopus te bewegen, waardoor het lijkt alsof je een levende octopus eet. Hoe dit kan? Door het zout in de sojasaus verkrampen de spieren van de net overleden octopus. Niet zo eng als het lijkt dus, wel erg bijzonder.

Sannakji (Korea)
In de rijstkom lijkt het alsof de octopus leeft, maar in Korea gaan ze een stapje verder: hier wordt namelijk zo goed als levende octopus gegeten. De verse octopus wordt ter plekke in stukjes gesneden en besprenkeld met wat sesamzaadjes en olie, waarna het gegeten kan worden. Doordat het dier net gestorven is krioelen de tentakels over je bord. Het eten van Sannakji is niet zonder risico, de zuignappen van de tentakels kunnen vastplakken in je keel, uitkijken dus!